donderdag 18 december 2008

Op straat

Na college. Ik loop over de Kromme Nieuwegracht op weg naar bus 7. Aan het eind van de straat zie ik iemand naast een wit bestelbusje staan. Het is een klein, kaal mannetje, jaar of zeventig schat ik. Als ik dichterbij kom zie ik hoe vies het busje is. Al een tijd niet meer gewassen, grijs van modder en stof. Het mannetje blijft maar kijken.

Wat zoekt hij?

Ik hou m'n pas in. Ik wil het weten. Aan het busje kan ik verder niets bijzonders zien. Ik werp een blik op een reclameposter van de antiquair een paar meter verderop. Dan hoor ik de man zachtjes gniffelen en zie hem rustig doorkuieren. Op het busje staat in het dek van stof geschreven:


TE VIES OM TE SWAFFELEN!

dinsdag 16 december 2008

Smile and wave

Dit is 'r, Miss World.

Kseniya Sukhinova is in ieder geval een naam die tot de verbeelding spreekt. Een Russische van 21 die, als we de Nederlandse deelneemster Carmen Kool mogen geloven, geen woord Engels spreekt. In een interview met Metro doet Carmen een boekje open over de blonde schone.

"Het was al vrij snel duidelijk welk meisje echt voor de kroon ging en er alles voor over had om die te winnen. Kseniya was geen warm en sociaal meisje. Ze stond op met het idee ‘ik ga die kroon pakken’, en met dat idee ging ze ook weer naar bed. De rest van de meiden ging ook voor de gezelligheid. Ik heb echt zulke goede vriendinnen aan dit avontuur overgehouden. Voor Kseniya hoefde dat niet."

Veel vriendinnen, geen kroon. Ach ja. Carmen plaatste zich niet voor de finaleronde.

"Ik kan me niet vier weken lang anders voordoen dan ik ben," zei ze. "Met Kseniya kon je bijvoorbeeld geen gesprek voeren. Elke keer als er een camera in de buurt was, ging ze daarin lachen. Ze hield constant de camera’s en de jury in de gaten. Zo gingen we naar het huis van Nelson Mandela. Ik had oprecht interesse voor het verhaal dat er verteld werd en lette niet op waar de camera’s opgesteld stonden."

'n Leep Russinnetje, die Kseniya. Mandela? Bijzaak! Alles voor die kroon.

We moeten trouwens niet denken dat de missen allemáál zo in elkaar steken. Van ellebogenwerk en tenentrapperij is geen sprake, zegt Carmen. "Ik heb nog nooit zoveel lieve meisjes bij elkaar gezien. Niet nep-lief. Ze waren heel lief en dat bleef de hele maand zo. Elkaars jurk dicht maken, kleren van elkaar lenen...

Zo gaat dat dus.

Kseniya Sukhinova, blonde draagster van de kroon, altijd alert op camera's, vastbesloten om de hele wereld te doordringen van haar schoonheid. Mooi van buiten. Kijk in haar ogen.

Niets mee miss. Oeps.

dinsdag 9 december 2008

Lamento

Niets voor m’n blog, zegt m’n gevoel. Maar toch. Het mysterieuze verhaaltje over het autokerkhof vroeg om een nadere toelichting.

Brassen, soms zooien genoemd, is een traditie die vooral bij de meer traditionele studentenverenigingen voorkomt. De reden om te brassen en de manier waarop gebrast wordt verschilt per stad en vereniging. Ruwweg worden er bij Nederlandse studentenverenigingen twee betekenissen opgesteld. De meer corporale verenigingen hanteren de term "brassen" voor een eregevecht tussen twee studenten, (met name) christelijke verenigingen hanteren de term voor het ontvreemden van verenigingsobjecten door een hele vereniging, om zo op ludieke wijze de banden tussen twee verenigingen aan te halen. Deze vorm van brassen wordt in Vlaanderen vaandeljatten genoemd.

Eregevecht
Het winnen van een braspartij is vooral een erekwestie.

Een braspartij betekent vaak dat twee studenten elkaar bij de revers vastpakken en elkaar vanuit deze positie naar de grond proberen te werken. Het gaat dan om een een op een gevecht onder strikte regels. Vaak mogen de revers niet worden losgelaten en is alleen duwen en trekken toegestaan. Bij sommige verenigingen wordt echter naar de uitgang gebrast. Al dan niet vanwege eventueel glas op de grond. Bijbehorend verhaal is dan dat je je tegenpartij de sociëteit probeert uit te zetten. Een bijbehorende regel kan dan bijvoorbeeld zijn dat indien een van beiden valt, hij eerst dient op te staan voordat de braspartij kan doorgaan.

Brassen kan worden gebruikt om een meningsverschil op te lossen wanneer normaal discussiëren geen oplossing kan bieden. Er kunnen overigens vele andere redenen zijn, zoals een inval, het verdienen van een object of profilatie. In de laatste drie gevallen wordt de term brassen ook vaak gebruikt als meerdere studenten aan elkaar trekken. Brassen kan ook puur voor de lol gebeuren als kroegspel.

Nadat een van beiden heeft gewonnen is de braspartij afgelopen. Bij de ene vereniging betekent dit dat de verliezer de winnaar op een biertje trakteert, bij de andere juist dat de winnaar dit doet. De agressieve houding die bij het brassen hoort slaat normaliter in een keer om in een rustige sfeer waarin beide parijen samen een biertje drinken. (Wikipedia)

Wat heeft het een met het ander te maken?

Goed. Binnen mijn studentenvereniging is er een commissie die zich bezighoudt met het organiseren van allerhande activiteiten, waarvan de opbrengst ten goede komt aan een project in een derdewereldland. Stom woord, maar het moet maar.

Op 1 december organiseerden we dus een brasgala.

Voor de presentatie van het gebeuren hadden we Jaap Amesz uitgenodigd. Dat is de winnaar van de Gouden Kooi, die zich bij voorkeur Terror Jaap laat noemen. Passende benaming, wel. Hij is enorm. Jaap vult zalen en avonden.

Kandidaten konden voor tien euro meedoen aan het toernooi. We hadden voor zowel de mannen als de vrouwen een knockout-systeem uitgedacht, zodat er – logisch – in beide ‘poules’ twee finalisten over bleven.

Het ging er fanatiek aan toe. Bier, bloed, zweet, tranen en Terror.

Na afloop werden de winnaars gehuldigd en zong Jaap ’n lied. Alles voor het goede doel.

Nu dan. Met vier matten tegen elkaar als ondergrond en een stapel van die banden in elke hoek, wilden we het braspodium tot een soort boksring maken. Alles was aan elkaar verbonden door linten.
Zoiets.

De naam van mijn commissie, Lamento, is dan weer afgeleid van het gedicht van Remco Campert.

LAMENTO

Hier nu langs het lange diepe water
dat ik dacht ik dacht dat je altijd maar
dat je altijd maar

hier nu langs het lange diepe water
waar achter oeverriet achter oeverriet de zon
dat ik dacht dat je altijd maar altijd

dat altijd maar je ogen je ogen en de lucht
altijd maar je ogen en de lucht
altijd maar rimpelend in het water rimpelend

dat altijd in levende stilte
dat ik altijd zou leven in levende stilte
dat je altijd maar dat wuivende oeverriet altijd maar

Langs het lange diepe water dat altijd maar je huid
dat altijd maar in de middag je huid
altijd maar in de zomer in de middag je huid

dat altijd maar je ogen zouden breken
dat altijd van geluk je ogen zouden breken
altijd maar in de roerloze middag

langs het lange diepe water dat ik dacht
dat ik dacht dat je altijd maar
dat ik dacht dat geluk altijd maar

dat altijd maar het licht roerloos in de middag
dat altijd maar het middaglicht je okeren schouder
je okeren schouder altijd in het middaglicht

dat altijd maar je kreet hangend
altijd maar je vogelkreet hangend
in de middag in de zomer in de lucht

dat altijd maar de levende lucht dat altijd maar
altijd maar het rimpelende water de middag je huid
ik dacht dat alles altijd maar ik dacht dat nooit

hier nu langs het lange diepe water dat nooit
ik dacht dat altijd dat nooit dat je nooit
dat nooit vorst dat geen ijs ooit het water

hier nu langs het lange diepe water dacht ik nooit
dat sneeuw ooit de cipres dacht ik nooit
dat sneeuw nooit de cipres dat je nooit meer
* * *
Autobanden, Terror Jaap, bier, brassen en dan Campert. Dat mag eigenlijk niet. Wat ik al zei, niets voor m'n blog.

dinsdag 2 december 2008

Troosteloos

Het is half vijf en al bijna donker. Paap manoeuvreert ons witte busje door de Utrechtse straatjes, en hoewel hij naar eigen zeggen al een jaar niet gereden heeft, bestuurt hij het logge gevaarte met kunde. Afgelopen weekend is hij in het Groningse feestgedruis zijn portemonnee mét inhoud verloren.

Geld, OV, ID, pinpas, rijbewijs. We nemen een risico.

Op de lange Vleutenseweg kunnen we weer vrij ademen. Zoals gehoopt zoeven we gestaag door, op de borden verschijnt al snel Lage Weide. Industrieterrein in de richting van Maarssen.

Let op, zegt Jeroen. Zodra we déze huizen voorbij zijn, wordt het treurig.

Aan Industrieterrein Lage Weide is niets moois. Griezelige lelijkheid zover het oog reikt, moedeloze werknemers die vanuit de rokende fabrieken naar buiten slenteren en de frisse lucht erbij denken. Hier mislukt bij voorbaat elke poging tot een gezellige personeelsborrel. Het is het uitzicht.

We rijden over de Atoomweg en gaan op goed geluk linksaf de Reactorweg in. Bij de bushalte staat een vrouw de reclame in het hokje te bekijken. Geforceerde McDonald’s-vrolijkheid.

Lage Weide blijkt een doolhof. Na een half uur ontdekken we dat we links gingen waar we eigenlijk rechts hadden gemoeten. De Niels Bohrweg had de Neutronweg moeten zijn. Nu heeft ook het laatste beetje daglicht ons in de steek gelaten. Het wordt ons niet gemakkelijk gemaakt, maar we houden vol en komen uiteindelijk op de plaats van bestemming.

Het autokerkhof.

Dé setting voor een horrorfilm, grappen we, terwijl we richting het met autobanden bezaaide steegje sluipen. We moeten er vijftien hebben. Het is koud, guur. We rollen de banden een eind voor ons uit; ze zitten vol drek. Een mens kan zichzelf terugvinden op de vreemdste plekken en in de vreemdste situaties.

We kijken elkaar aan en denken alledrie hetzelfde. Hoeveel lijken zouden hier liggen?

Ons plan slaagt. We laden twintig banden in, gooien de achterklep dicht, vluchten onze Griezelbus in en racen het licht tegemoet. Een kwartier later zijn we weer in ’t centrum. Plots is Utrecht zoveel mooier.

dinsdag 25 november 2008

Expeditie Royston

Vanavond weer Champions League. Bij uitstek het toernooi van het grote geld, maar denk niet dat er alleen maar kampioenenvoetbal op het menu staat. Het grote Real Madrid kan zich plaatsen voor de volgende ronde, maar moet daarvoor wel een behoorlijke horde nemen.

Want BATE Borisov-uit is héél erg uit.

De warmbloedige vedetten van Real zijn inmiddels aangekomen in Wit-Rusland, waar het op dit moment min acht is. Geen ramp voor de mannen van de thuisploeg; de kou is in hun voordeel. Ze lopen een rondje, lachen hun overgebleven tanden bloot om de kuikentjescoupe van Arjen Robben, gooien een teug spiritus naar binnen en gaan met korte mouwen het veld op.

Real, da’s een ander verhaal. Om eventuele bevriezing van de Koninklijke kontjes te voorkomen, zijn er extravagante maatregelen getroffen. Naar Minsk ging 1.500 kilo kleding mee. Voetbal International meldt:

“In de 42 geleverde tassen met kledij zaten onder meer 120 petjes en mutsen, vijftig losse kragen, 120 paar handschoenen, twintig slaapzakken voor de spelers op de bank, honderd thermische onderbroeken, 150 thermische shirts met lange mouwen en 120 winterjassen.”

Als we er vanuit gaan dat de selectie voor het duel uit ongeveer twintig spelers bestaat, heeft bijvoorbeeld Royston Drenthe de beschikking over:

6 mutsen – op Roystons rasta-hoofd passen geen petjes,
2,5 losse kragen,
6 paar handschoenen,
2 slaapzakken – hij zit vast weer op de bank,
5 thermische onderbroeken,
7 thermische shirts met lange mouwen,
6 winterjassen.

Dat ze erin mogen stikken, ja.

Ik ben benieuwd waar de heren voetballers hun 150 iPods, 100 Rolexen en 873 mobieltjes laten.

Het kan vanavond min twintig worden, dus dat belooft wat. Hup Borisov – geef die watjes een pak op de broeken!
DEEL TWEE:
Eigenlijk móest het ook zo zijn...

donderdag 20 november 2008

Vergilius

Al de hele dag loopt Vergilius door mijn hoofd. Het gaat om een wonderlijk zinnetje dat ik me vanochtend ineens herinnerde.

Laten we sterven en ons in de strijd begeven.

Geen idee uit welke tekst het komt, maar toch. Het intrigeert.

Het laatste beetje dode taal is inmiddels ook in mijn herinnering een stille dood gestorven. Jammer wel. Zonde. Jarenlang stuurde ik de Latijnse grammatica willens en wetens door naar de meest verwaarloosde achterkamer van mijn brein.

Te moeilijk, te veel, te oud, zinloos. Toch al dood.

Toch zou het wel bijzonder zijn al die kennis te hebben. Al is het alleen maar om de verhalen te begrijpen. Die waren prachtig in al hun tragiek. Aeneas en Dido, Pyramus en Thisbe, Daedalus en Icarus.

Laten we sterven en ons in de strijd begeven.

Het doet denken aan oorlog, natuurlijk. Moed. Bloederige veldslagen die van alle tijden zijn. Jonge mannen en vrouwen die hun leven wagen en geven voor hun land. Bloed aan de vlag, voor volk en vaderland. Soldaten die in een Afghaanse brandhaard plotseling trek krijgen in de soep van thuis, lekker moeder, en het volgende moment in vier stukken liggen - face down.

Toch nog de kop in het zand.

Fortes fortuna adjuvat - laten we het hopen.

maandag 17 november 2008

The Great Chain of Being

Vandaag college gehad over kolonialisme. Of, om dat vakgebied wat te versmallen maar toch ook weer niet, oriëntalisme. Onder oriëntalisme verstaan we over het algemeen de manier waarop het Westen naar het Oosten en zijn manier van leven kijkt.

Wat is 'het Westen'?

Wat is 'het Oosten'?

Het Westen is Een beetje van jezelf, een beetje van Maggi.
Het Oosten is soto ajam of babi pangang.
Oriëntalisme is Lekka Lekka, van Lassie! Die dikke malloot uit die reclame met dat nep-accent. Oosters.

Als je het niet begrijpt, reageren.

Ter illustratie bij zijn verhaal over oriëntalisme introduceerde de docent ons het begrip "The Great Chain of Being", afgeleid van het gelijknamige boek van W.J. Lovejoy. Wat deze chain-theorie inhoudt, zien we in het plaatje. In een verticale voorstelling van de aarde en alles wat daar gebeurt, is God het allerhoogste. Dan komt de hemel met zijn angels & demons, dan de mens (man boven vrouw, welja), dan de dieren, de planten en tenslotte de stoffen ín de grond.

Lang ging het 'ontwikkelde' Westen er vanuit dat de wereld zo in elkaar stak. Tót aan de Franse Revolutie: liberté, egalité, fraternité.

Met de chain-theorie in het achterhoofd kon de kolonisator achteloos het systeem van slavernij goedpraten. "De orde der dingen is afhankelijk van hiërarchie. Alles wat zich in de ketting ónder jou bevindt, mag door jou gebruikt worden." Inderdaad, gebruikt. De Portugese, Spaanse en Nederlandse ontdekkingsreizigers bekeken de donkergekleurde bewoners van de vreemde gebieden alsof ze water zagen branden.

Waren het hoogontwikkelde dieren? Of halve mensen?

De ontdekkingsreizigers, bijbel onder de arm, in het hoofd en in het hart, redeneerden als volgt:

"Als de zwarten tot de dieren behoren, mogen we ze gebruiken. Maar behoren ze daadwerkelijk tot de mensen, dan moeten we ze voor hun eigen bestwil Verlichten." Wat betekende dat ze als slaaf verhandeld werden en zich, meestal kwaadschiks, tot christen lieten bekeren.

Uit memoires blijkt dat veel westerlingen de donkere vreemdelingen zelfs in het dierenrijk tot de middenmoot veroordeelden. Ze hadden meer ontzag voor de machtige olifanten. Die hadden zo'n fantastisch geheugen. Als je ze ooit een dienst bewees, vergaten ze dat hun leven niet meer.

Denk aan het jongetje uit de Rolo-reclame.

Waarom ik dit allemaal opschrijf? Het lijkt me niet verkeerd eens een informatief blogje neer te zetten. Al is het alleen maar omdat het bijdraagt tot mijn eigen begrip van de stof.

Toch?

maandag 10 november 2008

Meid

In de rust van ADO-Heerenveen beleeft de D1 zijn finest hour. Vijf jongetjes mogen op het grote veld latje-schieten. Er is een camera van ZappSport bij. De rest van de D1 pept
z'n teammaatjes op. Tandjes knarsen.

Het spel begint. De vijf mogen ieder een poging wagen vanaf 10 meter. Het derde jongetje juicht. Hij heeft als enige de lat geraakt. Het publiek schaart zich achter hem. De volgende is aan de beurt. Hij heeft lang rasta-haar. Een man achter me schatert. Godvah, is dat écht een gozah? Rasta schiet. Veel te laag.

Voor de tweede poging ligt de bal op 15 meter van de goal. Het jongetje dat als eerste mag, knalt ongenadig hard raak. De grote mannen van Noord klappen voor hem. Rasta is weer als derde, maar schiet ongecontroleerd naast. Het is stil. Shit.

De derde en laatste ronde begint, en de jongens moeten nu van twintig meter. Een rake bal levert vijf punten op in het ZappSport-klassement. Moeilijk zat; de eerste drie missen hopeloos. Dan is rasta aan de beurt. Spelertjes en publiek zijn stil, dit voelt aan als de Champions League-finale. We gunnen hem zijn moment. Dan iets prachtigs - de man achter me, zachtjes.

Kom op meid.

Rasta schiet, het komt vanuit z'n tenen. Lat!

Daarna de ereronde. Ze glimmen.

Onze nummer 40

Plaatsvervangende zenuwen.

Natuurlijk hadden we vanmiddag alle vertrouwen in hem. Wie Kai een beetje kent (en wij kennen hem intussen heel wat beetjes) weet dat hij zich nooit gek laat maken, in welke situatie ook. Maar toch. Zijn jongensdroom werd in de loop der jaren ook ónze droom, en in de aanloop naar de Grote Dag hadden we alle mogelijke (doem-)scenario's al doorgenomen.

Maar alles kwam terecht.

Kai bleef negentig minuten op de been. Zijn fouten waren op een pink te tellen. Zijn directe tegenstander werd er na een uur afgehaald. Hij onderscheidde zich verdedigend én aanvallend. Wij genoten op Midden-Noord tussen de harde kern, die de debutant al voorzichtig een beetje van z'n liefde gaf.

Hese, Hese, Hese. Uit 'n keel of vijf. Hoe prachtmuziek melodieloos kan zijn.

Dat die ouwe Kalou vijf minuten voor tijd scoorde, was minder dan jammer. Onze vriend en held is prof. En als je het iemand gunt, is hij het wel.

Onze nummer 40.

woensdag 5 november 2008

Zwart wint

Ik herinner me nog goed een godsdienstles van mijn Grote Kale Leraar Blaak, een jaar of vijf geleden. Een godsdienstles die, godzijdank, niet over God ging.

Let op die Obama jongens, zei hij. Een vedette op Harvard, Keniaanse roots. Die wordt nog eens president van Amerika. Ja ja, dachten wij, en keken op de klok aan de muur.

Zie hier. A change we can believe in.

YES!
YES!

YES!

maandag 3 november 2008

What is an American? Slaven en Indianen

Komkommertijd, want tentamentijd. Voor het einde van het blok nog één keer blokken, in de hoop 15 welkome studiepunten bij de kunnen schrijven.

Het gaat om de prachtigste namen.

Seneca, Yuchi, Hector St.-John de Crèvecoeur, Frederick Douglass, Walt Whitman, Samson Occom, Olaudah Equiano, Nathaniel Hawthorne, Ralph Waldo Emerson, Edgar Allan Poe.

En de prachtigste teksten die daar bijhoren.

"Creation of the Whites", "Handsome Lake", "What is an American?", "The Fall of the House of Usher", "The Adventures of Huckleberry Finn", "Rip Van Winkle".

In mijn Heath Anthology of American Literature staat álle literatuur die je gelezen móet hebben, wil je jezelf een beetje kenner noemen op dit gebied. De oral narratives, de wijze levenslessen der indianen, de hartverscheurende slavenmemoires, de briljante jeugdverhalen vol symboliek; ze geven een fascinerend beeld van Amerika en hoe het allemaal begon, en nog boeiender, hoe het zover heeft kunnen komen.

Maar daar ben ik nog niet. Nog lang niet.

Ik ben maar een twintigjarige student die soms wou dat -ie Huck Finn was. Zou John McCain, de model-Amerikaan, zijn klassiekers kennen? Tip voor die ouwe: lees, goed, de Letters of an American Farmer van St.-John de Crèvecoeur. Obama wil ik het verhaal van Frederick Douglass aanraden. Now that was a strong black man!

Sorry, het schrijven wil niet echt lukken. Aan de studie maar weer.

Update: Op zijn MySpace-pagina (Obama everywhere, inderdaad!) noemt de toekomstige president "Self Reliance" van Emerson als een van zijn favoriete teksten. Mooi, maar moeilijk. Heeft te maken met het vasthouden aan principes.

"It is easy in the world to live after the world’s opinion; it is easy in solitude to live after our own; but the great man (or woman) is one who in the midst of the crowd keeps with perfect sweetness the independence of solitude."

dinsdag 28 oktober 2008

Cowart

Nog een week tot election time en de politie verijdelt een aanslag op Barack. Twee neonazi's van 18 en 20 hadden hem én een totale 'zwarte' school willen afslachten.

In smoking, compleet met hoge hoed. All white.

De heren Cowart en Schlesselman werden op tijd gepakt, op het platteland van Tennessee. Cowart en Schlesselman. Laf en nazi.

Wat als het was gebeurd? Ja, wat dan. Niks meer. Emigreren naar Noorwegen, leren schaatsen en lekker in wollen rendiertruien gaan lopen. Tv en pc de deur uit; bekijk het allemaal maar.

Maar Barack leeft nog en is oerend hard op weg naar het presidentschap van het meest gestoorde land ter wereld. Ze hebben hem nodig, daar. En wij hier.

Wyclef Jean, de artiest geboren op Haïti, filosofeert in If I Was President:

If I was president,
I'd get elected on Friday,
Assasinated on Saturday,
and buried on Sunday.



Nog een week.

donderdag 23 oktober 2008

Thuus bij Guus

Sommige dingen moet je gewoon doen, zonder er al teveel bij na te denken. Als Guus Meeuwis Den Haag aandoet voor een optreden in ons Paard, zijn wij daarbij.

Guus had er zin in, dat zeker. Wel jammer dat hij zijn nieuwe album nog aan de man moet brengen; het ging ten koste van een paar hitjes waar we op gehoopt hadden.

Het bliksemde niet en het regende geen meters bier. Maar wat dondert dat als je met je vrienden bent?

We vulden de longen en zongen, hosten, dansten, sjansten en genoten. We waren student. Het was me een nacht.

Opvallend veel huisvrouwen in het publiek trouwens.

Laten we proosten
Op het leven

Laat het leven
Je omarmen

zaterdag 18 oktober 2008

Overmars

Gisteravond laat zag ik Go Ahead met 1-0 winnen van RBC. Normaal gesproken is dit zelfs voor mij een wedstrijd uit de ondercategorie, ware het niet dat ik voor het eerst in zes jaar mijn jeugdidool weer zag voetballen. Marc Overmars stond als vanouds linksbuiten.

Een held was hij voor ons, en in het gouden Ajax van '95 de enige échte Godenzoon. Als Overmars de bal kreeg, wist je dat er iets gebeuren ging. Hij was klein maar snel, een ster in simpelheid, de verpersoonlijking van Snelle Jelle. Overmars was Ajax, wij waren Overmars. Nog zie ik de poster voor me. De man in actie, het gezicht getekend door fanatisme en concentratie. Zó goed.

Niet alleen als voetballer bewonderden we hem. We wisten dat hij getrouwd was met Miss Nederland, en in de rondslingerende meisjesbladen van onze zussen zagen we zijn foto's omringd door hartjes. Ajax' nummer 11 was alles wat wij wilden worden. En hij liet zien dat we daar niet eens zo groot voor hoefden te worden.

Toen ik in augustus las dat hij zijn comeback zou maken bij de Eagles, zijn eerste club, dacht ik aan wat hij bij zijn échte afscheid als prof in 2004 vertelde: "Mijn rechterknie heeft me veel problemen bezorgd en is er nu de oorzaak van dat ik niet meer op het niveau kan spelen dat ik zelf voor ogen heb. Er zit bijna geen kraakbeen meer in..."

Doe dat nou niet, dacht ik nog. Het is goed zo.

Sinds Go Ahead-RBC weet ik dat het inderdaad in 2004 had moeten eindigen. Overmars op een winderig veld in Deventer, dat is burlesque. Mijn held zonder kraakbeen voor een handvol pubers tussen een zooi campingvoetballers, en dat als 36-jarige. Hij was het porselein in een kast vol olifanten.

Overmars kwam in de korte samenvatting één keer goed in beeld. Balverlies. Je zag die blik.

maandag 13 oktober 2008

HawaiiTunes

Sinds een paar maanden heb er er een nieuwe hobby bij: ukulele.

Que?

De ukulele, ook wel casual afgekort tot uke. Dat is zo'n klein Hawaii-gitaartje, meestal viersnarig en een garantie voor vrolijkheid. Ik vond er eentje op Marktplaats voor twintig euro en besloot hem voor de grap te kopen. De stufi was net binnen, en dan word je nog wel eens overmoedig als het op je uitgavenpatroon aankomt. Met dat vreemde gitaartje kon ik het risico wel nemen.

Wat ik niet wist, is dat ik in een mum van tijd hooked zou zijn. Ieder niks-te-doen-momentje van de dag (en dat zijn er best veel, vergis je niet), pak ik m'n altijd binnen handbereik liggende schatje voor een vrolijk riffje. Ik ga geen les nemen of zo, het moet natuurlijk wel leuk blijven.

Al zou ik wel een Mozartiaanse autodidact moeten zijn, wou ik mezelf dit aanleren:

Al willen we wel naar dit niveau toe, natuurlijk. Kom op hè.
Misschien dat een tripje naar Hawaii wonderen doet!

donderdag 9 oktober 2008

Broodslag

Ik zit op een bankje en kijk uit over het meer. Het zonlicht weerkaatst klassiek in het water, en er staat geen zuchtje wind. Het kwakend improvisatiekoor doet de varens bescheiden trillen. Het is Poolse landdag bij de eenden. Waar zouden ze het over hebben? Wilders? Het weer? Het IJslandse inflatiespook?

In de nabije verte tuffen auto's, maar het is een dag voor paard en wagen. In Overvecht voelt de dorpse sfeer als een tweede huid. Eentje is voor vanmiddag trouwens best genoeg. Het is zomer in oktober.

Er rent een hond langs me heen. Dotje, pak. De eenden kijken spottend toe. Je hoort het ze denken. Dotje. Altijd die honden met hun haast. Kinderachtig gedoe, en wat valt er nou te hijgen? Een kleuter trippelt naar het water met een zakje brood. Er is niet genoeg voor iedereen. Onbehagen. Ook de luchtmacht nadert nu, zelfverzekerd, op het arrogante af. We pakken die eenden.

Ik hou m'n adem in. Dit is stilte voor de storm.

maandag 6 oktober 2008

Whitman

Sinds ik mezelf heb binnengelaten in de wondere wereld van "American Literature and Culture before 1900" lig ik vrijwel elke nacht een uur wakker. In mijn hoofd duizelt het; de prachtigste Engelse zinnen en passages springen als schapen over de dam. De wonderen van de taal geven geen rust, juist niet. Daarvoor fascineren ze teveel.

Voor volgende week staat een oral presentation op de rol. Aan de klas moet ik een tekst uit ons GVR-vuistdikke boek* presenteren. Het wordt een gedicht van Walt Whitman over de Amerikaanse burgeroorlog.
Vigil strange I kept on the field one night;
When you my son and my comrade dropt at my side that day,
One look I but gave which your dear eyes return'd with a look I shall never forget,
One touch of your hand to mine O boy, reach'd up as you lay on the ground,
Then onward I sped in the battle, the even-contested battle,
Till late in the night reliev'd to the place at last again I made my way,
Found you in death so cold dear comrade, found your body son of responding kisses, (never again on earth responding,)
Bared your face in the starlight, curious the scene, cool blew the moderate night-wind,
Long there and then in vigil I stood, dimly around me the battle-field spreading,
Vigil wondrous and vigil sweet there in the fragrant silent night,
But not a tear fell, not even a long-drawn sigh, long, long I gazed,
Then on the earth partially reclining sat by your side leaning my chin in my hands,
Passing sweet hours, immortal and mystic hours with you dearest comrade -- not a tear, not a word,
Vigil of silence, love and death, vigil for you my son and my soldier,
As onward silently stars aloft, eastward new ones upward stole,
Vigil final for you brave boy, (I could not save you, swift was your death,
I faithfully loved you and cared for you living, I think we shall surely meet again,)
Till at latest lingering of the night, indeed just as the dawn appear'd,
My comrade I wrapt in his blanket, envelop'd well his form,
Folded the blanket well, tucking it carefully over head and carefully under feet,
And there and then and bathed by the rising sun, my son in his grave, in his rude-dug grave I deposited,
Ending my vigil strange with that, vigil of night and battle-field dim,
Vigil for boy of responding kisses, (never again on earth responding,)
Vigil for comrade swiftly slain, vigil I never forget, how as day brighten'd,
I rose from the chill ground and folded my soldier well in his blanket,
And buried him where he fell.

Ik moet en zal dit begrijpen. Passende achtergrondmuziek heb ik in elk geval al gevonden. Fleet Foxes. Tiger Mountain Peasant Song. Wow.

*The Heath Anthology of American Literature; net geen 2700 pagina's.

donderdag 2 oktober 2008

Sint-Mesrob

Paulo Coelho leert me dat ze in Armenië de Dag van de Heilige Vertaler vieren.

Wat moeten we ons daarbij voorstellen?

Op die dag vullen de kerken zich met duizenden en duizenden mensen ter ere van Sint Mesrob. Hij schiep het Armeense alfabet, vertaalde de Bijbel voor zijn landgenoten en liet hen ook kennismaken met de belangrijkste Griekse, Cyrillische en Perzische teksten. Je zou dus kunnen zeggen dat de Armeniërs hun identiteit - whatever that may be - aan hem te danken hebben.

Sint-Mesrob, de Heilige Vertaler. Ik denk aan mijn ouders, die terwijl ik over hem lees druk aan het werk zijn. Vertalen.

Ik zie hun ochtendritueel voor me. Vroeg op, dat sowieso. 'n Koffietje mee, achter de pc en samen aan de slag. Door honderden, duizenden regels hebben ze zich de afgelopen jaren heengeworsteld. Spaans-Nederlands, Nederlands-Spaans, Spaans-Engels; hun talenknobbel draait overuren. En dat allemaal zodat wij kinderen kunnen studeren.

Wanneer die heilige wordt vereerd? 9 Oktober. De trouwdag van mijn eigen Sint-Mesrobs. Geniaal hè?

zondag 28 september 2008

Tussen bal en bier

Marine 1-uit dus, gisteren.

Uit de kluiten gewassen kerels? Ja.
Allemaal? Nee.
Lieverdjes? Nee.
Sportief? Ja hoor. Wel hard.
Konden ze voetballen? Nèh...
Wonnen wij? Wat een vraag, natuurlijk. 2-3.
Blij met 2-3? We hadden er tien kunnen maken, maar de punten zijn binnen.

Of we ons met het hele team wilden overschrijven naar hún club, om daar het eerste elftal te gaan vormen? Bedankt voor het aanbod.

Het was een heerlijk middagje voetbal.

donderdag 25 september 2008

Mullah Nasrudin en de drie wijze mannen

Ongeveer een jaar geleden was ik aanwezig bij een college getiteld "Spot en satire in de islamitische wereld". Nu was mijn simpele vooronderstelling dat moslims onmogelijk humor konden hebben, gezien de rampen die bijvoorbeeld een simpele cartoon al veroorzaakt heeft.

Mis poes.

De docent introduceerde ons Mullah Nasrudin, "de domme imam". Zoals wij in Nederland Belgenmoppen kennen, gieren ze in de Iraanse theehuizen om Nasrudin. Hij laat ons inzien hoe dun de scheidslijn tussen oneindige wijsheid en domheid is.

Op een dag waren drie wijze mannen op weg naar een land waar zij hoopten antwoorden te vinden op de grootste vragen van hun tijd. Toen ze aankwamen vroegen ze naar de wijste man in de omgeving. En Nasrudin was de wijste, zo zei men.

De eerste wijze man begon met zijn vraag: "Waar is precies het midden van de wereld?"
"Dat is precies onder mijn rechter hiel," antwoordde Nasrudin.
"Hoe kun je dat bewijzen?" vroeg de eerste wijze man.

"Als je me niet gelooft" antwoordde Nasrudin, "meet het dan en je zult zien."
De eerste wijze man wist hierop geen antwoord, dus begon de tweede wijze man met het stellen van zijn vraag.

"Hoeveel sterren zijn er in de lucht?" vroeg hij. "Zoveel als de haren op mijn ezel," antwoordde Nasrudin.
"Hoe kun je dat bewijzen?" vroeg de tweede wijze man.
"Als je me niet gelooft," antwoordde Nasrudin, "dan tel je de haren op mijn ezel en dan zul je het zien."
"Dat is onzin," zei de andere. "Hoe kun je de haren op een ezel tellen?"
"Nou," zei Nasrudin, "Hoe kun je de sterren in de hemel tellen? Als het een onzin is, dan is ook het andere onzin." De tweede wijze man werd stil.

De derde wijze man begon geïrriteerd te raken door de antwoorden die Nasrudin gaf, hij zei:
"Het lijkt alsof je veel weet over jouw ezel, kan je me ook vertellen hoeveel haren er op zijn staart zitten?"
"Ja," antwoordde Nasrudin. "Er zijn precies evenveel haren op zijn staart als het aantal haren in jouw baard."
"Hoe kun je dat bewijzen?" zei de ander.
"Dat kan ik heel eenvoudig bewijzen," zei Nasrudin. " je kunt één haar uit mijn ezel z'n staart trekken voor elke haar die ik uit jouw baard trek. Als de haren op de staart van mijn ezel niet eindigen op precies hetzelfde moment als de haren in jouw baard, zal ik toegeven dat ik fout was."

Natuurlijk was de derde wijze man niet van plan om dit te doen, dus het publiek benoemde Nasrudin als winnaar van de argumentatie van die dag.

maandag 22 september 2008

19 en 1

Gisteren vertelde de NOS-commentator dat het middenveld van Feyenoord tegen Ajax een gemiddelde leeftijd van 19 jaar had. Dat zit zo:

Luigi Bruins: 09-03-1987
Leroy Fer: 05-01-1990
Georginio Wijnaldum: 11-11-1990
Diego Biseswar: 08-03-1988

Ongelofelijk eigenlijk. Deze vier waren gisteren misschien wel de besten aan Feyenoord-kant.

Ondertussen heb ik (18-07-1988) het geschopt tot Scheveningen 8. Ik voel me niet oud, maar het idee dat een jongen van zeventien in zijn kleine teen meer talent heeft dan ik in m'n hele lichaam, geeft toch stof tot nadenken. Waar is het misgegaan op mijn weg naar eeuwige voetbalroem? Het zullen wel de verkeerde schoenen geweest zijn.

Over Scheveningen 8 gesproken. Afgelopen week kregen we van de KNVB het schema voor de nieuwe competitie doorgemaild. Wij zijn een vriendenteam, doen het voor de lol en scoren vooral in de derde helft. Toch zou onze plaatsing in de zesde klasse perspectieven moeten bieden. Lijkt me niveau camping-elftal, en dat tegen kerels die onze vader hadden kunnen zijn.

Toch?

Jeroen hoopt dat we onze conditie vóór zaterdag nog even een 300%-boost geven. Ik denk meer aan een hele dikke spuit doping. Hoe zou gras smaken?

27-sep-200814:00Marine 1 - Scheveningen 8Militaire Sportterreinen

zaterdag 20 september 2008

Sentiment


Laat ik MTV nooit meer "never date your roommate!" horen blaten.

**

Een goeie vijf jaar geleden zocht een verliefde jongeman een zo goed als verliefde jongedame op toen zij zich onder de sterrenhemel van Tanzania bevond. Thuis in het studentenhuis in Leiden had het al gevonkt, maar in Afrika ging het pas echt vlammen.

Gisteren stonden de twee op hun mooist naast elkaar in de Hortus Botanicus. Het jawoord had ferm en overtuigend geklonken, haar vader had de zojuist voltrokken huwelijksverbintenis nog op magistrale wijze in een jasje van kalverliefde gegoten*.

Het was een dag waarop alles liefde was: de mensen, de omgeving, de liedjes, de taart, de woorden en zelfs het weer.

En ik? Het trotse neefje van de bruid. Ze is de eerste van 'onze generatie'. Wie zou de volgende zijn?


* Nina's Massai-waarde: 27 koeien.

donderdag 18 september 2008

Het gebeurde op 18 september

Jep, we gaan het toch doen. Nu echt.


Cowabunga!

Draak



Weer wat geleerd. Mijn Chinese sterrenbeeld is Draak.

Wat dat betekent? Veel goeds, als ik de meneren en mevrouwen die heel veel van Chinese astrologie weten mag geloven. Zo ben ik, net als de Slang, geboren onder het teken van geluk.

Andere Draken zijn onder meer de heren Nietzsche, Freud, Guevara, Warhol en Pelé. O Rei. Dan weet je het wel.

Trots, levendig, enthousiast, extravert, inspirerend en geestdriftig. Zomaar wat kwalificaties die op Draken van toepassing zijn.

Wow. I believe I can fly.