donderdag 24 december 2009

Profeet

Toevalligheden leidden ertoe dat ik me vorige week een halve middag tussen aanstaande muziekwetenschappers ophield. Het college ging over authenticiteit en de vraag wat échte muziek is. De hippe docent – futuristisch montuurtje, warrige krullenbos, rode vouwfiets tegen de muur – hield een vurig betoog en keek zo nu en dan bedachtzaam rond. Op een zeker moment ging hij als Rodins Denker op zijn bureau zitten en mompelde: “Een profeet is nooit een profeet in eigen huis.”

Mijn kompaan en ik wisselden een blik van verstandhouding. Onmiddellijk doemde het beeld van Clarence Seedorf voor me op.

Clarence, de vroegwijze en welbespraakte voetbalvedette. De donkerhuidige kosmopoliet die over de hele wereld vrienden de hand schudt, zich bewust van zijn voorbeeldfunctie en bekend met het klappen van de zweep. Zijn teamgenoten bij het grote AC Milan zijn een en al oor als Clarence wat zegt, wetend dat zijn woorden hout snijden. Drie jaar geleden bezong hij Papa Silvio op diens jubileum.

I’m sitting on the dock of the bay
Watching the tide roll away.


Zou hij ooit president van Suriname worden?

Zo gerespecteerd als hij is van Afrika tot in Amerika, zo onbegrepen voelt hij zich in Nederland. Bij Clarence zien we een gefronste wenkbrauw voor ons, een kring onder de ogen, een hand voor de camera. De bondscoach durft zijn vingers niet aan hem te branden en wij, zijn zestien miljoen ambtgenoten, zullen het over hem nooit eens worden. In de Bijlmer is hij een held, in Oud-Zuid een lastpak. Wat zou voor Clarence échte muziek zijn? Soul, toch? Een blues kan hij vast waarderen. Clarence identificeert zich graag met de lijdende klasse.

Ik hoop van harte dat hij zich na zijn voetbalcarrière niet, zoals Gullit, verliest in beschamende tv-optredens. Seedorf danst op het ijs. Koken met Clarence. Alsjeblieft niet. Nee, laat hem maar bezig blijven met zijn charity-organisaties, ver weg van mensen die hem niet moeten. De paria als president, profeet of filosoof. Echt.

donderdag 12 november 2009

Campingdisco

Je hebt feesten en feesten.
Zaterdag 31 oktober was ik getuige van een FEEST.

In huize VD45, gelegen in de kleurrijke wijk Lombok te Utrecht, wonen meer dan twintig mensen. Die hebben noemenswaardige dingen met elkaar gemeen:
1) Ze weten hoe ze een grandioos festijn uit de huisgrond moeten stampen
2) Ze zijn niet te beroerd zoveel mogelijk vrienden van die kwaliteit te laten meegenieten.

En dus was het op de rand van vorige maand Campingdisco in Lombok. Mogelijkheden om me in stijl te (ver)kleden laat ik doorgaans niet liggen. Dat ik op de dag vóór het feest een huiveringwekkend lelijk, maar daardoor ontroerend charmant Ronald Koeman-shirt opduikelde, deed me al inzien dat het lot zijn uitnodigende kreet naar me geroepen had. De Disney-hoed en een oud voetbalniemendalletje deden de rest.

Het werd laat, het was leuk. Wie is dat leuke meisje dat naast me zit?
Een leuk meisje dat naast me zat.

donderdag 5 november 2009

Hardcore Troubadour

Steve Earle is vier jaar jonger dan mijn vader. Hij ziet er best wat ouder uit. Ze noemen hem een hardcore troubadour, een man die goed bekend is met de put. Lang leefde hij in een rotzooi van coke en ruzie met de wereld. Maar binnen de ondraaglijke rauwheid van zijn bestaan was er, en is er, altijd nog de muziek. Country om ademloos naar te luisteren. Over ruim twee weken speelt hij op het Crossing Border Festival. In ons Den Haag. En ik ben er niet bij.

Shit happens. Gelukkig lenen zijn nummers zich ook, en misschien wel juist, voor de huiskamer. Laat het buiten dan maar regenen.

Goodbye, 1997.

donderdag 15 oktober 2009

J. Kessels: The Novel

Vanuit Tilburg is de link met Breda en de Hamburgse hoerenwijk snel gelegd. P.F. Thomése vertelt het verhaal van twee vrienden (J. Kessels en hijzelf) die in een knotsgek avontuur verzeild raken, dat hen langs treurige toplesstentjes, een Turkse pooier, FC Sankt Pauli en een nogal foute NAC'er leidt. Ze overleven op koffie, country en sigaretten. En Bockworst.

Nog niet eens zo lang geleden was ik in Tilburg. Vraag me niet waarom. De vriend die me door het stadscentrum leidde, ontweek handig het uitzicht en mompelde iets over de "anus van Nederland", terwijl we een troep op de stoep barbecuende jaren 80-figuren passeerden. Tien tellen later doemden er twee huiveringwekkend lelijke flatgebouwen voor ons op. "Hierachter moeten we zijn. De volksbuurt."

Nu ik J. Kessels: The Novel uit heb, begrijp ik dat Tilburg de aanduiding "anus" met trots draagt. Dit zijn plaatsen waar je naar de snackbar moet. Viezige troosteloosheid is een charme.

Lezen? Bereid je voor op een lekkere portie pulpfictie.

maandag 5 oktober 2009

Natgeregend, afgedroogd


Wij van Scheveningen 5 zijn mooiweervoetballers. En als mooiweervoetballer heb je het in deze tijd van het jaar lastig.

Zaterdagmiddag mochten we op bezoek bij DWO uit Zoetermeer. Ons was bekend dat onze gastheren zich vorige week in een knotsgek duel bijna hadden laten foppen door het exotische Neta Dall, dat het afgelopen seizoen wegens vechten nog uit de competitie was gehaald: 4-4.

Met precies elf man reisden we af.

Excuses zijn er genoeg voor wat er die zaterdagmiddag tussen één en drie gebeurde. We misten vijf man. Onze aanvoerder en rots in de branding heeft het schip verlaten om in Engeland te studeren. Het regende, zo'n zeikregen, alsof er iemand over je gezicht heen pist. De bal lag niet stil bij die ene Zoetermeerse vrije trap. Onze keeper is (echt waar!) allergisch voor zijn handschoenen.

Maar in de vijfde klasse is geen plaats voor klagend kanonnenvoer. DWO liet ons hoeken van het veld zien waar we nooit meer terug hopen te komen. Na negentig tergend langzame minuten zei het scorebord GASTEN 7, BEZOEKERS 0.

Gek, zo'n wedstrijd waarin werkelijk niets lukt. En voor het eerst in meer dan een seizoen scoorden we niet. Boter, suiker en dan een bittere smaak.

Volgende week beter!

donderdag 1 oktober 2009

Terug

Wie leest me nog?

Een halve man en een paardenkop, lijkt me, aangezien er de voorbije weken niets te lezen is geweest. Dat heeft een aantal redenen. Allereerst was er tijd nodig om bij te komen van de epische Trojaanse Trip, waarover ik nu al zoveel had willen en moeten schrijven. In die vier weken is er zoveel geweldigs en spannends gebeurd dat ik niet wist, en weet, hoe te beginnen. Waar te beginnen. Al weken zit ik er tegen aan te hikken.

Wat er nu gaat gebeuren.

Samen met mijn reisgenoot Marco zal ik binnenkort beginnen aan het Grote Reisverslag. Grote kans dat we hiervoor een aparte blog openen, en de stijl zal waarschijnlijk iets afwijken van deze. Dat wil zeggen; langere stukken die als een boek moeten lezen, aangekleed met foto's van bergen, mensen, luchten, auto's en sprookjes.

Nog een verklaring van mijn blogarmoede is een studiegerelateerde. Al sinds het begin van dit jaar zit ik tot aan m'n nek in de Basiscursus Historisch Onderzoek en Conflict Analyse; vakken die me verplichten tot lezen, schrijven en stampen. Maar de ambitieuze student uithangen kun je ook bloggend doen, ik weet het. En ja: ik mis het stukjesschrijven en jullie reacties.

Vanaf morgen pak ik de draad weer op. Die reisverhalen komen er echt wel, maar niet op Nils' Blog. Leest, reageert en zegt het voort. Den Haag, Utrecht, espresso, Scheveningen 5, ADO, Jan Peter, muziekhelden, jullie, ikzelf. Dat wat er toe doet, zal snel weer schitteren.

dinsdag 18 augustus 2009

Wow

Na vier weken, achttien landen en ontelbare soms surrealistische ervaringen zit onze Trip to Troy erop.

We wilden wildwestverhalen en we krégen wildwestverhalen. De volgende weken staat deze blog, als het goed is, helemaal in het teken van het grote reisverslag. Omdat ik déze week van plan ben nog even af te kicken op het strand en al het gebeurde zich in mijn hoofd en op papier moet ordenen, hoeven jullie deze week nog niet zo veel te verwachten.

Wat ik alvast verklappen kan: Troje is gehaald!

En Praag is een wonder. En Istanbul ook. En Montenegro. En meer.